Tagarchief: kortverhaal

Woensdagbloesem – de kortfilm

Een projectje waar ik vijf jaar geleden met veel plezier mijn pen voor mocht lenen.

Advertenties
Getagged , , , , , , , ,

Doorn

Ik heb ooit een zoon gehad. Het is al heel lang geleden, ik was nog niet eens geboren.

Zijn naam was Doorn en voor zover ik weet had hij zijn hele leven alleen geleefd. Dat leven deed hij meestal niet zo slecht, en hij woonde ook wel knusjes.

Hij had zijn huisje laten kantelen toen het bijna af was, zodat hij nog een groot raam en een deur in de vloer kon plaatsen en met de meubelen de zijwand kon bedekken. In een hoek achteraan bij wat eerst het plafond zou zijn geweest stond een stoel met daarrond vier tafeltjes. Op het eerste tafeltje lag een krant, op het tweede een tijdschrift, op het derde een roman van wel vijfhonderd bladzijden en op het vierde tafeltje lag niets, voor het geval Doorn een keer niets wilde doen.

Elke ochtend, behalve woensdag, stond hij om zes uur op om te gaan werken als zakdoekverkoper. ’s Middags at hij boterhammen met kaas en paardenvlees naast het bankje bij de kerk, en dronk hij koffie uit een groene thermoskan.

Wanneer ’s avonds de andere werkmensen van het dorp wederkeerden, ging ook hij naar huis om soep en pap te eten in de keuken, op een oude krant naast het fornuis.

Bij het uitgaan van de zon legde hij zich, steeds moede, te slapen in een kamertje achteraan zijn woonst. Dan keek hij nog even naar de ingekaderde tekening van hoe zijn moeder en ik eruit zouden hebben moeten zien en liet ook hij het licht uitgaan.

Op woensdag werkte Doorn niet en stond hij niet op tot hij wakker werd. Als dat gebeurde, waste hij zich en ging hij de honden voederen in het park. Ook keek hij die dag wel eens met veel graagte naar de meisjes, maar nooit nam hij er eentje mee naar huis.

Nee, voor zover ik weet had hij zijn hele leven alleen geleefd, en dat deed hij meestal niet zo slecht.

Op zijn laatste dag, toevallig een donderdag, was Doorn midden in de nacht opgestaan om te sterven, en dan ging hij lachend door de voordeur naar de hemel.

 

Jürgen Nakielski

Getagged , , , , ,

“Wachten op de sasquatch”

Tussendoor is het tijd voor iets nieuws. En tegelijk iets ouds. Toen ik mijn eerste stappen zette op het internet, als jonge snaak, hield ik me op het toenmalige forum van JimTV bezig met het plaatsen van verhaaltjes in vervolgvorm. Het was leuk, en ik wist zelf meestal ook niet waar het naartoe zou gaan. Dat was spannend, voor mezelf én voor een handjevol volgers op dat forum. Dat wil ik opnieuw doen. Het forum van JimTV is niet meer, maar het internet is nog zo veel groter. Hip is het niet wat ik doe, maar ik vind het leuk. Daarom.
#wachtenopdesasquatch.

“Wachten op de sasquatch” is een vervolgverhaal. Op tijd en stond verschijnt er een nieuw deeltje van het verhaal. Er is nog geen genre. Er is nog geen einde. Laat je verrassen. Duik mee in het verhaal. Begin bij het begin. En volg.

Klik hier om naar het vervolgverhaal te gaan…

Deze site wordt vernietigd wanneer het verhaal ten einde is. Vraag niet wanneer.

cropped-woods-3176766_960_7201

Getagged , , , , , ,

Woensdagbloesem (uit “Wachten op neerslag”)

Ik zit op een bankje in het park. Doe ik elke woensdag. De bloesems boven mijn hoofd houden mijn glimlach op zijn plaats. Het zijn mooie dagen.

Langs me heen loopt een meisje. Doet ze elke woensdag. Haar naam weet ik niet, maar ik schat haar een jaar of tien. Ze draagt een mandje onder haar arm. Bloemetjes en elastiekjes. Zelf heb ik nooit gezien wat ze daarmee doet, maar als ik in de vooravond huiswaarts slof zie ik de bloemetjes, vastgemaakt aan elk dood beest langs de kant van de weg.

Ze kijkt naar mij. Ik weet niet wat te zeggen. Ik glimlach. Ze lacht zo mooi.

“Straks goed je handjes wassen, hé liefje?” zeg ik.

Ze geeft me een bloem en loopt verder. Ze ruikt nog fris.

Aan de overkant van de straat slentert een man bij de geldautomaat. Doet hij elke woensdag. Hij pakt de afschriftjes op die de mensen laten liggen. Hij snuffelt, ruikt, fantaseert, kan de schuld voelen aan de kreukjes. Ik stap op hem af en geef hem mijn ticketje van deze middag. Het kan hem maar gelukkig maken.

De nacht valt. Doet hij elke woensdag.

Aan de andere kant van de stad zit een meisje op haar bed. Naast haar een mandje. Bloemetjes en elastiekjes. Ze kijkt uit het raam. Ze weet niet wat te doen. Haar vader komt voor haar staan, broek op de enkels. Ze pakt zijn lid en streelt het tot het groter wordt. Dan steekt ze het in haar mond. Ze weent. Doet ze elke woensdag. Het is voorbij. Hij trekt zijn broek op, gaat diep in zijn zakken en geeft haar een stapeltje bankafschriften.

“Hier is je geld.” zegt hij, “En nu goed je handjes wassen, hé liefje?”

Ze geeft hem een bloem en loopt naar de badkamer. Ze ruikt nog fris.

Hij streelt zacht de lakens waarop ze heeft gezeten, snuffelt, ruikt, fantaseert, kan de schuld voelen aan de kreukjes.

 

[tekst uit de bundel “Wachten op neerslag” (ISBN 9789460791208) – bestelbaar via http://www.deleeswinkel.be/wachten-op-neerslag.html]

wachtenopneerslagjpg

Getagged , , , , , ,
Advertenties